Labo-onderzoek

 Net zoals bij mensen is het ook bij honden en katten aan te raden om af en toe een bloedonderzoek uit te voeren. Hierdoor kunnen bepaalde afwijkingen in een vroeg stadium reeds opgespoord worden.

Ideaal gezien wordt het bloed 's morgens genomen en is uw hond of kat nuchter (niet eten van de avond ervoor, drinken mag wel). Het bloed wordt dan opgehaald door een extern labo (AML). Dezelfde avond is het grootste gedeelte van de uitslag reeds bekend.

 Bepaalde testen kunnen ook hier in de praktijk worden uitgevoerd zoals bloedtesten op kattenaids- en leucose, microscopisch onderzoek, urine- en stoelgangonderzoek:

Bij huidproblemen is het aangewezen stalen (afkrabsel, tapestrip) onder de microscoop te bekijken om een correcte diagnose te stellen. Van (huid)gezwelletjes kan een punctie gedaan worden. Een dergelijk preparaat wordt na kleuring onder de microscoop bekeken om onder andere de celtypes te bepalen en te beoordelen. Dit kan tijdens het consult gebeuren. Indien nodig kunnen de preparaten doorgestuurd worden naar een extern specialist.

Er kan een beperkt urineonderzoek uitgevoerd worden op de praktijk. Met behulp van een speciale stick wordt nagegaan of er sporen van bloed, infectie, glucose e.a. terug te vinden zijn. Onder de microscoop kunnen eventuele kristallen snel opgespoord worden. Het staal kan eventueel doorgestuurd worden naar het labo voor een cultuur en een antibiogram.

Bij darmproblemen (o.a. diarree) wordt aangeraden een stoelgangonderzoek uit te laten voeren. Op de praktijk kunnen we enerzijds een flottatie uitvoeren, dit laat ons toe d.m.v. microscopisch onderzoek wormeieren in de stoelgang aan te tonen, anderzijds beschikken we ook over een aantal zogenaamde sneltesten. Dankzij deze testen kunnen we snel en accuraat de diagnose stellen van giardia (een ééncellige parasiet) en parvovirose (cfr. vaccinaties).

Voor verder onderzoek (vertering, cultuur en antibiogram) kan een stoelgangstaal opgestuurd worden naar het labo.